Nijkamp keert bij PEC terug op oude nest
Hij pakt de deurklink richting spelershome vast, maar twijfelt nog even. ,,Hier moeten we in toch?” Gerard Nijkamp moet nog even wennen als hij door de catacomben van het stadion van PEC Zwolle loopt. ,,Ik heb destijds wel mogen meedenken over de ruimtes, maar het is nu nog vooral even zoeken waar alles zit.”

De 43-jarige Nijkamp kent binnenkort alle ruimtes als zijn broekzak, want hij keert na vijf jaar afwezigheid terug op het oude nest. Na als jeugdtrainer, hoofd jeugdopleidingen en assistent-trainer bij de club gewerkt te hebben, is de Zwollenaar de komende jaren de nieuwe technisch directeur. ,,Ik zie mezelf hier niet na één jaar weer weggaan. Wil de komende jaren helpen het technische beleid van de club vorm te geven.”
De opvolger van Bert Konterman heeft van een afstandje gemerkt dat PEC Zwolle gegroeid is sinds hij de club in 2007 verliet. Toen Nijkamp in mei in de gaten kreeg dat de functie van TD vrijkwam kreeg hij direct signalen vanuit de club. ,,Er waren mensen die het wel iets voor mij vonden. En na enkele gesprekken vond ik dat zelf ook”, vertelt Nijkamp. Zijn ervaringen als technisch directeur bij Al-Rayan in Qatar helpen hem daarbij. ,,Ik heb daar vier jaar gewerkt op Champions League- niveau (de Aziatische variant). Dat is toch een bepaald niveau. Bovendien heb ik hierdoor een uitgebreid netwerk opgebouwd in binnenland, maar ook het buitenland.” Dat betekent niet dat Nijkamp een blik spelers uit Qatar opentrekt. ,, Maar ik ga wel kijken of we een soort van uitwisseling tot stand kunnen brengen. Er loopt daar aardig wat talent rond.” Het beleid van Konterman en trainer Art Langeler was er de afgelopen jaren op gericht vooral talent uit de regio richting Zwolle te halen. ,, Dat blijft het uitgangspunt, mits die spelers uit de regio net zo goed zijn als spelers uit bijvoorbeeld Limburg of het buitenland.
Anders kiezen we voor kwaliteit. We willen maar één ding: in de eredivisie blijven”, meent Nijkamp. ,,Er moet nog wat gebeuren, maar de selectie staat aardig. Al zijn we natuurlijk altijd alert.”
Bron: de Stentor




