Laatste nieuws
21-5-2012
21-5-2012
21-5-2012
Zoektocht in het mekka
ZWOLLE – Een gebrek aan talent heeft Landstede Basketbal twee broodmagere jaren gegarandeerd, zonder deelname aan de play-offs. In de regel is driemaal nog altijd scheepsrecht, dus toog Herman van den Belt net als in vroegere jaren naar basketbalmekka Amerika. Hier lag altijd de indirecte route naar aansprekende resultaten.
Het is juli, en dus slapen de basketbalvelden. Herman van den Belt is net terug van twee retourtjes overzee. Speurend naar talent in de eindeloze kweekvijver van het basketbal. Contacten leggen, banden aanhalen en balletjes opgooien. Concreet heeft het geen supertalenten opgeleverd, die Landstede na de zomer naar de titel gaan werpen. „ Je opent vooral je ogen.”
Er zijn e- mailadressen uitgewisseld en scholen bezocht. Van den Belt werd geïntroduceerd als tweevoudig coach van het jaar uit Nederland. „Maar van de Nederlandse competitie weten ze daar niets.” Hoogstens dat het ‘Europe’ is en dat de competitie niet bijzonder sterk is. „Maar dat niveau wordt steeds beter”, stelt Van den Belt. „Het aantal Amerikanen gaat terug naar zes. Wat mij betreft mag het naar drie, of zelfs twee.”
Geheel in de lijn van de coach en zijn club moet zelf gekweekt talent het fundament van een organisatie zijn. Een school, waar topsport geleefd wordt. Net als op al die universiteiten in Amerika, waar goed zijn in sport minstens zo belangrijk is als goede cijfers op het rapport. „Ik liep de academie van Furman binnen en zag dat alle muren waren geschilderd in de clubkleuren. Dat had iets. Zo van: Dit zijn wij.”
Furman, onder de rook van Atlanta, bracht Robby Bostain voort. Dat was de laatste Amerikaan die zich exceptioneel onderscheidde in het geelblauw van Landstede. De banden tussen coach en speler zijn de laatste jaren hecht gebleven. Van den Belt logeerde bij de ouders van Bostain. Senior, eveneens basketbalcoach, vertelde over vroeger. Hoe hij Robby en zijn blanke vrienden meenam naar de donkere buitenwijken van de hoofdstad van Georgia. Ze kregen een flink pak op de donder van de straatbasketballers. Het jaar erop was de marge al kleiner. En weer een jaar later wonnen Bostain en de zijnen.
Van den Belt, die bij de Zwolse club aan zijn achtste seizoen als hoofdcoach begint, herinnert zich één van zijn eerste bezoekjes aan Amerika. „Ik vloog op Pittsburgh. Bij aankomst was het donker, en de navigatie weigerde dienst.” Zie dan maar eens op de juiste highway te komen. Of die ene keer dat hij met een agent meereisde. „Op zoek naar een speler voor ons. Maar die agent zag ook een leuke speler voor Groningen. En ééntje voor Weert. Ah, dus zo werkte dat.” Vanaf dat moment wenste Van den Belt geen station meer te zijn in de koehandel.
Liever werkt hij met kennissen en contacten. Zoals de voormalige Landstede- spelers Nick Sanders en Tyler Smith, wiens summercamp in New York werd bezocht.
Van den Belt zag overal talent, maar voor het vastleggen van een speler wacht hij op een belletje uit vertrouwde hoek. Missers kunnen hij en Landstede zichzelf niet meer permitteren na vijf broodmagere jaren, waarin slechts één keer de play- offs werden gehaald. Dit keer moeten de contacten leiden tot iets onverslaanbaars. Zoals in de beginjaren van Herman van den Belt. Toen liep de route in de zomermaanden exact hetzelfde.
Bron: de Stentor



